Para-doxale column: Wetz

0 Flares 0 Flares ×

“We weten niet wie we zijn als we weten dat we uit ‘zes voet van een bepaalde moleculaire volgorde van koolstof-, waterstof-, zuurstof-, stikstof- en fosforatomen’ bestaan, zoals een Nobelprijswinnaar destijds de mens definieerde.”

Dit citaat is afkomstig van Franz Jozef Wetz en staat in zijn boek Die Gleichgültigkeit der Welt (De onverschilligheid van de wereld, 1994). Wetz, geboren in 1958, is een van de interessantere Duitse filosofen. Een kernvraag in zijn werk is hoe we blijmoedig kunnen zijn in een wereld die er duidelijk niet voor ons is. Zijn motto: maak jezelf niets wijs en maak er toch iets van. Dat levert interessante bespiegelingen op over de ethische noodzaak van ontrouw, illusie en liegen. Provocatie gaat Wetz niet uit de weg. Ik houd van zijn schrijfstijl: helder, maar niet overdreven simplistisch. Veel van zijn thema’s lijken rechtstreeks ontleend te zijn aan het werk van een van zijn leermeesters, Hans Blumenberg (1920-1996), over wie hij een jaar of wat geleden een inleiding schreef die zo goed is dat te vrezen valt dat Duitse studenten de grote meester zelf niet meer ter hand zullen nemen.

De Nobelprijswinnaar in het citaat is Joshua Lederberg (1925-2008), een biogeneticus die op 33-jarige leeftijd de Nobelprijs kreeg omdat hij ontdekte dat bacteriën zich voortplanten en hun genen doorgeven. Lederberg was een genie en was er een meester in om al te humanistische ideeën over de mens op prettige wijze te bespotten. Dat doet hij ook in de passage die Wetz citeert: we zijn niet meer dan een zak vol atomen. Je hoort tegenwoordig wel vaker variaties op deze uitspraak: de mens is een zak vol microben, we zijn niet meer dan onze hormonen, we zijn een bundeling van allerlei materiële processen, we zijn ons brein, we zijn enkel onze genen.

Wetz bespreekt dergelijke opvattingen in een hoofdstuk met de titel Naturalismus und Liberalismus. Das Problem der metafysischen Wesenlosigkeit des Menschen. In dit hoofdstuk probeert hij een verband te leggen tussen naturalistische opvattingen over de mens,    zoals die naar voren komen in wat Lederberg vertelt en het hedendaagse politieke liberalisme. Beide stromingen ontkennen dat de mens een metafysisch bepaald wezen is. Dit wezen is vaak gezien als de ziel. Eeuwenlang hebben mensen zich mogen verheugen in de wetenschap dat ze een ziel hebben. Hier betaalden ze ook een ethisch prijskaartje voor: het hebben van een ziel veronderstelt dat mensen zich ook op ethisch terrein van hun beste kant lieten zien. Noblesse oblige.

Zowel het naturalisme als het liberalisme ontkennen dat de mens door zijn ziel bepaald wordt. Wat de naturalist denkt, is inmiddels duidelijk, maar wat denkt de liberaal? De liberaal denkt, indachtig Nietzsche, dat de mens het nog niet vastgestelde dier is. Ook dat schept verplichtingen: wie nog niet bepaald en gedetermineerd is, krijgt de gigantische taak toebedeeld om er zelf wat van te maken. Je hoeft niet langer trouw te zijn aan God of een in ethisch-religieus opzicht superieur wezen te worden, maar je moet wat van je existentie maken. Liberalisme wordt door Wetz heel dicht tegen het existentialisme geplaatst. Vrijheid en verantwoordelijkheid zijn taken voor de mens, taken die zo zwaar zijn dat hij er regelmatig voor terugdeinst.


Vrijheid en verantwoordelijkheid zijn taken voor de mens,

taken die zo zwaar zijn dat hij er regelmatig voor terugdeinst

 

 

Op het eerste gezicht lijkt liberalisme dus het tegendeel te zijn van dat naturalisme. Maar je zou ook kunnen zeggen dat het een gevolg is van dat naturalisme. Als dat naturalisme ons bepaalt tot wezens die passief hun natuur volgen, dan valt iedere ethiek weg. Dat kunnen mensen uiteindelijk niet accepteren. Midden in het nihilistische vacuüm dat het naturalisme achterlaat, ontstaat dan een mens die, niet langer belemmerd door een theologische wezensbestemming, zijn vrijheid neemt en er zelf iets van probeert te maken. Dat dit veel mensen niet lukt, verbloemt Wetz geenszins. De liberale samenleving kent veel uitvallers. Wetz sympathiseert, zo lijkt het, eerder met het naturalisme dan met het liberalisme.

Maar de mens komt er niet om heen in een onverschillige wereld toch zijn eigen verhaal te maken. Waarom? Het antwoord van Wetz is prachtig: “Het biologische kan het biografische nooit vervangen.”

0 Flares Twitter 0 Facebook 0 Google+ 0 LinkedIn 0 0 Flares ×

Related Posts

De-essentie-van-Schopenhauer

Schopenhauer: de vrolijk stemmende pessimist?

duistere ecologie

O, o, ecO

de solidariteit van de schok

Vers van de pers: De solidariteit van de schok

politiek van vijandschap gewone deugden

Ontkleurde toekomst

Reageer